Actuele stand
De uitfasering van E-, F- en G-labels kent twee verschillende routes.
Een slecht energielabel kan gevolgen hebben voor onderhoudsplanning, verhuurbaarheid en investeringen. Toch geldt niet voor iedere verhuurder dezelfde termijn. De veelgenoemde jaren 2028 en 2029 horen bij verschillende afspraken en doelgroepen. Dat onderscheid is belangrijk voordat u budgetten reserveert of maatregelen laat uitvoeren.
Woningcorporaties werken vanuit de Nationale Prestatieafspraken aan het uitfaseren van woningen met label E, F en G in 2028. Voor andere verhuurders is een bredere wettelijke ondergrens aangekondigd: huurwoningen met een slecht label zouden uiterlijk 1 januari 2029 minimaal label D moeten hebben.
Op 24 augustus 2026 is die voorgenomen eis voor 2029 nog niet definitief. Het ontwerpbesluit is op 10 juli 2026 aan de Eerste en Tweede Kamer aangeboden. Controleer daarom bij een investeringsbesluit altijd de actuele wetstekst, reikwijdte en uitzonderingen.
Wat geldt wanneer?
2028 is een corporatieafspraak. 2029 is voorgenomen regelgeving.
In de Nationale Prestatieafspraken 2025–2035 staat dat woningcorporaties zich blijven inzetten om uiterlijk in 2028 de E-, F- en G-labels uit hun bezit te laten verdwijnen. In de afspraken worden onder meer monumenten en woningen die voor sloop zijn aangemeld als uitzondering genoemd.
Voor de bredere huurmarkt heeft het kabinet op 10 juli 2026 een ontwerpbesluit naar de Eerste en Tweede Kamer gestuurd. De voorgenomen eis is dat huurwoningen met label E, F of G uiterlijk op 1 januari 2029 naar minimaal label D worden verbeterd. Het kabinet streeft ernaar de wijziging eind 2026 in het Besluit bouwwerken leefomgeving op te nemen.
Een voornemen is nog geen definitieve verplichting. De uiteindelijke tekst kan bepalend zijn voor uitzonderingen, handhaving en de precieze doelgroep. Gebruik de aangekondigde termijn dus wel voor uw scenario- en onderhoudsplanning, maar toets concrete besluiten aan de regels die op dat moment gelden.
Voor verhuurders
Begin niet met offertes, maar met een betrouwbare objectlijst.
Voor particuliere verhuurders en vastgoedbeleggers is de eerste stap een overzicht van de huidige labels, geldigheidsdata en ontbrekende gegevens. Een oud label kan nog geldig zijn, maar zegt niet altijd genoeg over de actuele technische staat. Ook kunnen inmiddels maatregelen zijn uitgevoerd die nog niet in een nieuw label zijn verwerkt.
Combineer labelinformatie daarom met bouwjaar, woningtype, gepland onderhoud, mutatiemomenten en beschikbare bewijsstukken. Zo wordt zichtbaar welke woningen waarschijnlijk met een beperkte ingreep kunnen verbeteren en bij welke objecten eerst een technische opname of uitgebreid scenario nodig is.
Voor verhuurwoningen kan de energieprestatie bovendien samenhangen met de WWS-puntentelling en de positie binnen het huursegment. Beoordeel labelverbetering daarom niet los van de verhuurstrategie. Een pakket dat alleen de vermoedelijke ondergrens haalt, is niet vanzelfsprekend de beste langetermijnkeuze.
Prioriteren
Welke woningen pakt u als eerste aan?
Een portefeuille hoeft niet willekeurig of in één keer te worden aangepakt. Deel objecten in logische tranches en maak per groep een uitvoerbare route.
Slecht label en korte geldigheid
Controleer of de invoer nog aansluit op de woning en of ontbrekend bewijs de uitkomst beïnvloedt.
Natuurlijk onderhoudsmoment
Combineer dak-, gevel-, glas- of installatieonderhoud met maatregelen die later nodig zijn.
Mutatie of leegstand
Benut een periode zonder bewoner voor werkzaamheden die in bewoonde staat veel hinder geven.
Duidelijke technische kans
Pak objecten met herhaalbare woningtypen en een voorspelbaar verbeterpakket als cluster aan.
WWS of verhuurdoel
Onderzoek waar labelverbetering onderdeel is van een bredere route voor kwaliteit en verhuur.
Onvolledige objectdata
Plan eerst inspectie of dossieronderzoek wanneer een betrouwbare maatregelkeuze nog niet mogelijk is.
Van overzicht naar uitvoering
Vier stappen voor een beheersbaar programma.
- 01
Portefeuillescan
Labels, geldigheid, objectgegevens en ontbrekende documentatie centraal verzamelen.
- 02
Route per object
Bepalen welke labelstap nodig is en welke maatregelen technisch logisch zijn.
- 03
Tranches plannen
Objecten groeperen op regio, woningtype, urgentie en natuurlijk onderhoudsmoment.
- 04
Uitvoering en registratie
Voortgang, bewijsstukken, controle en het nieuwe energielabel per object bewaken.
Conclusie
Maak van de deadline een portefeuilleplan.
De termijnen voor E-, F- en G-labels vragen om een zorgvuldige uitleg. De afspraak voor woningcorporaties in 2028 is niet hetzelfde als de voorgenomen wettelijke ondergrens voor de bredere huurmarkt in 2029. Controleer daarom steeds welke regel op uw organisatie en objecten van toepassing is.
Wacht niet met het verzamelen van gegevens tot de juridische tekst definitief is. Een actuele objectlijst, betrouwbare labels en inzicht in onderhoudsmomenten zijn onder iedere route bruikbaar. Daarmee kunt u woningen prioriteren, maatregelpakketten vergelijken en uitvoering in tranches voorbereiden. Heeft u meerdere objecten, begin dan met een portefeuillescan in plaats van losse opdrachten per woning.
Veelgestelde vragen
Geldt de termijn van 2028 voor iedere verhuurder?
Nee. De 2028-afspraak hoort bij de Nationale Prestatieafspraken voor woningcorporaties. Voor de bredere huurmarkt is een afzonderlijke wettelijke minimumeis per 1 januari 2029 in voorbereiding.
Is de eis voor 2029 al definitief?
Nee. Op 10 juli 2026 is het ontwerpbesluit naar de Eerste en Tweede Kamer gestuurd. Controleer vóór een besluit de actuele wettelijke status en uiteindelijke uitzonderingen.
Moet iedere woning direct naar label A?
De aangekondigde wettelijke ondergrens voor de brede huurmarkt is minimaal label D. Een verdergaande route kan commercieel of technisch zinvol zijn, maar moet per object worden doorgerekend.
Kan Belman dit voor een hele portefeuille organiseren?
Ja. We kunnen labels en objectdata inventariseren, woningen prioriteren, scenario’s per tranche uitwerken en uitvoering en herregistratie centraal volgen in ons klantportaal.
